Menu

Home
Wat is Aquitarius
Links
Het genre Fantasy
Biografie
Recensies
Agenda
Interviews
Messageboard

Google

De Vijfde Tovenares

Identificatie

ISBN
90-225-3289-5
Auteur
Robert NEWCOMB
Publicatiejaar
2002
Uitgeverij
Uitgeverij M
Aantal Pag.
0
Reeks
De Erfgenaam en de Steen
Vertaler
Jan Steemers en Henny van
Illustrator
Les Edwards en Rien van d

Thema

Strijd tussen Goed en Kwaad

Leitmotiv

Vrouwen zijn slecht en corrumpeerbaar door macht, mannen zijn goed en ongevoelig voor de slechte kant van macht.

Situering

Een wereld met twee continenten: Eutracië en Parthalon. De wereld is ruraal met feodale inslag, de adel is tevens de leidinggevende kaste. Het is een wereld waarin magie een grote rol speelt. Er is een strijd geweest tussen de twee vormen van magie: de Schragende Leer en de Schimmige Leer. De Schragende Leer wordt beoefend door mannen, de Schimmige door de vrouwen, de Heksen. Nogal seksistisch is de Schimmige Leer de slechte kant van de magie en zijn alle Heksen slecht. De strijd is beslecht in een oorlog, die uitdraaide op de vondst van de Paragon en het Boekwerk en de uiteindelijke verbanning van de Kring, de leidsters van de Heksen. Ze kunnen echter veilig aan land geraken en onderwerpen het tweede continent Parthalon.

Karakters

De karakters zijn smakeloze archetypes. De personages vertonen weinig tot geen diepgang, Newcomb heeft zich blijkbaar laten verleiden tot het vlug neerpennen van een verhaal, zonder al te veel details aan de wereld of zijn karakters te schenken. Zoals een Amerikaanse criticus zei: “It would be the understatement of the 21st century to say that Newcomb paints his characters in broad strokes; hell, the guy practically uses a spray gun.” Wigg: de Gandalf van het boek. De meester van de Orde van de Magiërs die tevens de raadsman is van Tristan. Hij moet letterlijk alles voorzeggen aan Tristan, die niets weet van zijn eigen krachten en wat er hem te doen staat. Tristan: de held tegen wil en dank. Ook de “Ene”, de Chosen One die de twee kanten van de magie kan verenigen. Hij is niet bijster verstandig, laat zijn gevoelens telkens boven zijn verstand uitkomen en weet langs geen kanten enige fantasie op te brengen om zijn eigen krachten en macht te leren kennen. Shailiha: zus van Tristan. Ze is de lege verpersoonlijking van Goed, dan Kwaad en dan weer Goed. Haar karakter blijft oppervlakkig. De Heksen: Failee, Succiu, Vona en Zabarra zijn de archetypes van het kwaad. Ze zijn gecorrumpeerd door de macht van de Schimmige Leer. Ze zijn in en in slecht. Kluge: opperbevelhebber van het Leger van Servielen van Dag en Nacht, minnaar van Succiu en Failee. Het is een echte oorlogsmachine, geteeld om te gehoorzamen en te doden. Wreed, zonder geweten of scrupules. Geldon: de dwerg die Succiu tot haar persoonlijke slaaf maakt. Hij is tevens de spion van Faegan. Faegan: de machtigste tovenaar die gevangen genomen en verminkt werd door de Heksen. Doordat ze zijn dochter in hun macht hadden, heeft hij hun diverse geheimen van de magie verteld.

Verhaal

Proloog : De Zee der Fluisteringen In de proloog maken we kennis met enkele van de belangrijkste personages: Wigg, een mannelijke tovenaar en de leider van de tovenaars. Zijn tegenpolen zijn vier heksen. Ze zitten samen op een schip, die tot op 15 dagen varen van de kust van Eutracië voor anker gaat. Daar laat Wigg de vier heksen op een roeiboot het water op en stuur hen verder naar het onbekende toe. Niemand heeft ooit de Zee der Fluisteringen kunnen oversteken, dus op zich is dat een doodsvonnis voor de heksen. Deel I : Het koninkrijk Eutracië, 327 jaar later De lezer maakt kennis met Tristan, de prins die de troonopvolger is van zijn vader Nicolas. Hij heeft zware twijfels over de troon en vlucht regelmatig van zijn plichten naar het woud, om te oefenen met het werpen van messen. Tijdens een van zijn uitstapjes ontdekt hij de toegang van een grot waarin een ondergronds meer is van rood water. Tevens vindt hij de ingang van een grot die hem ontoegankelijk is gemaakt door magie. Terwijl Tristan op onderzoek uitgaat in de vreemde grot, zoeken de tovenaars Wigg en Tristans hoogzwangere zus Shailiha naar hem. Ze worden onderweg overvallen door een Bloedjager, maar Wigg kan hem doden. De Bloedjagers zijn tovenaars die tijdens de Heksenoorlog door de Heksen zijn omgevormd tot doders van tovenaars. Deze Bloedjager blijkt Philius te zijn, een oude vriend van Wigg. Ze vinden tenslotte Tristan en nemen hem terug mee naar het paleis, waar alles in gereedheid gebracht wordt voor de kroning. Deel II: Parthalon Parthalon is het continent aan de overzijde van de Zee der Fluisteringen. Een onbekend continent voor Eutracië, omdat niemand de Zee kon oversteken. En toch... de vier Heksen die meer dan driehonderd jaar geleden door Wigg zijn verbannen, zijn veilig over de Zee geraakt en hebben het magieloze land onderworpen. Ze hebben, een ras gekweekt van gevleugelde strijders; het leger van de Servielen van Dag en Nacht. De Kring van Heksen maakt zich op om terug te keren naar Eutracië en het land binnen te vallen. Deel III : Tammerland Tijdens de voorbereidingen van de kroning wordt het kasteel aangevallen door een harpij. Wigg kan met een magische bezwering het wezen uitschakelen. Deze twee aanvallen van wezens die tijdens de Heksenoorlog werden gebruikt, brengt hem aan het denken. Hij stuurt alle magiërs door het land om nog van die wezens op te jagen. Op de dag van de kroning zelf zijn alle vooraanstaanden van Tammerland en de buurlanden aanwezig, alsook de magiërs. De plechtigheid bestaat erin dat het Paragon, een juweel dat de magie van Eutracië genereerd, in het rode water wordt gelegd, waarin het zijn kleur verliest. Alle magie houdt op dat moment op van bestaan. Als het juweel alle kleur verloren heeft, kan het pas rond de nek gehangen worden van de opvolger. Net op het moment dat de magiërs machteloos zijn, valt het leger van Servielen van Dag en Nacht aan. Ze moorden de volledige koninklijke macht uit en gaan zich te buiten aan de genodigden. De bevelhebber van het leger, Kluge, martelt Tristan en dwingt hem zijn eigen vader te onthoofden. De kroning wordt een grote slachtpartij. Tenslotte kunnen Tristan en Wigg ontsnappen. Shailiha wordt meegenomen naar Parthalon, tezamen met het Paragon. Wigg kan ternauwernood vermijden dat Tristan zich in daad van waanzin tegen de legers gaat vechten. Ze besluiten dat ze maar een kans hebben en die ligt in Schaduwoud. Deel IV : De reis naar Schaduwoud Net buiten het paleis ziet Tristan de lijken van zijn ouders gekruisigd hangen. Hij begraaft ze, maar het is een val. Een Wiktor valt hem aan maar Tristan kan hem doden. Ze trekken naar Schaduwoud. Onderweg komen Wigg en Tristan vele vluchtelingen tegen. Het Leger van de Servielen heeft drie dagen lelijk huis gehouden in Tammerland. Ze nemen een jonge vrouw onder hun hoede, die later de Vijfde Heks blijkt te zijn die undercover in Tammerland bleef. Wigg kan haar doden vooraleer ze Tristan doodt. Ondertussen op het schip naar Parthalon houden de Heksen zich bezig met Shailiha, die door de shock bijna krankzinnig is geworden. Ze manipuleren haar en kunnen haar omvormen tot de Vijfde Heks dankzij de Chimaerische Kwellingen. Telkens ze van thuis droomt of eraan denkt, wordt ze overweldigd door de gruwelijkste nachtmerries die lichamelijke sporen achterlaten. Tristan en Wigg komen aan bij het Schaduwoud en worden ontvangen door Faegan. Het was de meester van de orde tot de Heksen hem gevangen maakten. Zijn dochter was de eerste die dankzij het Paragon te dragen de Drie Boekwerken kon lezen. Zijn dochter werd later gecorrumpeerd tot de Vijfde Heks, die Wigg enkele dagen geleden doodde. Faegan kan hen door middel van magie onmiddellijk transporteren naar Parthalon, meer bepaald naar het Getto der Verstotenen. Het was ooit een stad, nu wordt die bevolkt door zieken en misdadigers. Daar worden ze opgewacht door een spion van Faegan, Geldon. Het is de persoonlijke slaaf van een van de Heksen. Deel V : De Toevlught Hij neemt hen mee naar de Toevlught, het paleis van de Heksen. Op weg ernaar redden ze het leven van Narrissa. Ze is een Gallipolai. De Servielen hebben zwarte vleugels, de Gallipolai zijn aberraties van het oorspronkelijke ras, met witte vleugels. Ze worden opgesloten en gedood. In de Toevlught worden ze herkend en gevangen genomen. Wigg en Tristan worden in een kooi opgesloten. Succiu verkracht Tristan en laat door middel van magie zijn eerstgeboren kind snel groeien. Wat een normale draagtijd van negen maanden zou moeten zijn, wordt in amper een dag gedragen. De Heksen nemen het Paragon om het Ritueel van de Wrake. Eerst moest er een Communie zijn, waaraan de Heksen elk bloed geven en de Paragon het kracht schenkt. Dan zouden de Heksen het bloed opdrinken samen met de macht. De Wrake zou onvermijdelijk beginnen. Op het beslissend moment dat het licht valt op het Paragon, reikt Tristan naar zijn magie, waarvan hij niet wist dat hij ze had, en kan de Paragon uit de lichtstraal duwen. Het licht verbrijzelt en doodt alle heksen behalve Shailiha. Tristan en Wigg kunnen zich bevrijden en bevechten ook nog enkele Wiktors. Succiu was niet gedood en kruipt weg. Tristan achtervolgt haar en in wanhoop stort ze zich van een toren. Hij begraaft haar en zijn ongeboren kind. Met hun gevieren trekken ze terug naar het Getto, waar de poort zich zal openen zodat ze terugkunnen naar Tammerland. Deel VI : Het Getto der Verstotenen In het Getto worden ze echter opgewacht door Kluge en zijn Leger van Servielen. In een gevecht van man tegen man doodt Tristan Kluge. Het Leger van Servielen van Dag en Nacht erkennen Tristan als hun opperbevelhebber. Iedereen mag ten alle tijden de bevelhebber uitdagen tot een gevecht op de dood. De winnaar van de tweestrijd is de nieuwe bevelhebber. Tristan, vaardigt enkele bevelen uit, o.a. de Gallipolai moeten worden opgenomen onder de Servielen, belooft zo snel mogelijk terug te keren naar Parthalon. Hij geeft aan Traax, de rechterhand van Kluge, het bevel tot hij terug komt. Tristan, zus en Wigg keren terug naar Eutracië door de poort van Faegan. Epiloog Uit het graf van Succiu komt een kleine kinderhand tevoorschijn. Een schaduw graaft het kind uit en neemt het mee.

Stijl

Het verhaal is meeslepend geschreven; de taal is enthousiast, de woordspelingen goed gevonden en de namen van de karakters en de termen voelen goed aan. Weinig beschrijvingen van de wereld of personages, de nadruk ligt meer op de actie, op het verhaal. Gelukkig dat de ervaren fantasylezer kan terugvallen op eerder uitgewerkte fantasywerelden om het verhaal in te situeren.

Persoonlijke appreciatie

Het boek vangt direct aan met een seksistische ondertoon: mannen zijn goed en vrouwen zijn slecht. De enige vrouwen die niet slecht zijn, brengen hun tijd door met borduren en braaf huismoedertje spelen. Vrouwen die macht hebben, door magie, worden erdoor gecorrumpeerd en vervallen tot het Kwaad. Gezien het feit dat meer en meer vrouwen het genre Fantasy ontdekken, zullen er ook een groot aantal onder hen het boek lezen. Vooral aangetrokken door de titel (tovenares) zullen zij zich een idee vormen dat het een boek is over een vrouw. De niet mis te verstane misogyne trekken van Newcomb zullen hun dan ook slecht te verteren vallen. Newcomb heeft hier volgens mij een serieuze misrekening gemaakt bij zijn doelpubliek. Dit debuut van Newcomb staat bol van ideeën die hij duidelijk bij andere boeken in het genre heeft geleend. We hebben terug de weigerachtige protagonist, de “Chosen One” die niets afweet van zijn macht. Hij moet een gevecht aangaan tegen het Kwade, daarin bijgestaan door de Gandalf van het boek, hier Wigg genoemd. In tegenstelling tot Tolkien weet dit personage niets af van zijn krachten en doet hij ook niets op eigen initiatief. Alles moet letterlijk voorgekauwd worden door Wigg. Newcomb valt ook in de val van de magie als deus ex machina: de twee mannen moeten naar de andere kant van Zee, wat hen zeker minstens 15 dagen zal kosten, maar ze moeten er binnen de week zijn. Gelukkig komt Faegan met de oplossing, hij is er als eerste in geslaagd om een poort te maken die mensen direct kan transporteren naar het andere continent. Daar worden ze opgewacht door zijn spion. Afgaande op wat de spion als slaaf van de Heksen moet verduren, lijkt het ongeloofwaardig dat hij de poort nog niet heeft gebruikt om te vluchten. Sommige passages zijn opzettelijk gruwelijk gemaakt om te shockeren. Maar gaat zo ver dat het zijn doel voorbijschiet en belachelijk wordt. Het volledige verhaal druipt van bloed, schreeuwt van de martelingen en barst van nutteloos geweld en moorden. De Kirkus Reviews stellen dat het een “intelligent debuut” is “met bestsellerstatus”. Ik vrees dat er heel wat vrouwen en mannen gaan afknappen op de idee van het boek. Ik zou het zelfs verre van intelligent noemen, alle moeilijkheden in het boek worden door magie opgelost en niet door spitsvondigheid, de meeste ideeën zijn geleend van andere werken. Het is niet echt een boek om aan te raden.




Van dezelfde hand:


Van dezelfde auteur:

De Vijfde Tovenares

Uit dezelfde reeks:

De Vijfde Tovenares

Google ads